De stoppersregeling voor melkveehouders brengt veel nieuw ondernemerschap boven bij boeren. Drie agrariërs uit Overijssel, Drenthe en Noord-Brabant maken zich op voor de toekomst met nieuwe en vooral creatieve ondernemingen.

Carlijn Assink 19 april 2017

Boer drone
De stoppersregeling is door de overheid in het leven geroepen om de fosfaatproductie van melkvee bedrijven terug te dringen. Voor elke afgevoerde koe, naar de slacht of naar het buitenland, is er een bedrag van 1200 euro beschikbaar. Er waren alleen veel meer aanmeldingen dan gedacht, waardoor er zelfs kort sprake was van loting. Uiteindelijk zijn alle 497 aanvragen gehonoreerd. Voor de een is het een uitkomst, voor de ander was er geen andere uitweg. De volgende drie boeren hebben in elk geval creatieve plannen gesmeed voor de toekomst.

Berend Takens, Pesse. Wordt drone-piloot

  • Aantal koeien: 70
  • Stopt na: 20 jaar
  • Afgevoerde dieren: 60 koeien geruild met collega-boer
  • Naar de slacht: 70

Berend Takens uit Pesse stopt ermee. Twintig jaar heeft hij met veel liefde zijn melkveebedrijf gerund. Hij stopt niet omdat hij het niet meer leuk vindt, maar omdat hij erg veel moest investeren om de boerderij rendabel te houden. “Eigenlijk zijn we al twee jaar bezig met stoppen, maar deze stoppersregeling gaf ons een duwtje in de rug.”

Veel vermogen

Takens’ boerderij heeft niet de omvang waarmee hij verder kan. “Ik heb veel vermogen nodig om uit te breiden. Niet alleen grond en gebouwen te kopen, maar vooral om rechten, zoals fosfaatrechten, te kopen. Door de veranderende wetgeving en de hoge kostprijs per liter melk, is onze concurrentiepositie slecht. In het buitenland zijn al die regels namelijk niet.”

Inkomen

Takens vond het geen makkelijke beslissing om te nemen, want hij boert graag. “Ik ga de boerderij zeker missen. Ik vond het leuk om melkveehouder te zijn. Maar ik moet toch aan het inkomen denken en ben me dus op de toekomst gaan richten. Een nieuwe uitdaging.”

Drone

Wat die nieuwe uitdaging dan is? Drone-piloot worden. “Ik heb cursussen gedaan en de drone en software zijn ook al gekocht.” De drone wil Takens gebruiken voor precisielandbouw. “Deze drone laat je over de akkers vliegen. Met een camera en sensoren wordt er via lichtreflectie gemeten wat het gewas nodig heeft. Bijvoorbeeld meststof of stikstof. Daarvan maak ik GPS-kaarten en dan kan de boer met de trekker via die kaarten heel precies die meststof uitstrooien.”

Hij geeft een voorbeeld. “Per hectare wordt, laten we zeggen, 100 kilo gestrooid. Soms een beetje meer, soms een beetje minder. Maar sommige delen van de akker hebben 150 kilo nodig en sommige maar 50. Met de drone kan hij dus veel preciezer werken en dus ook geld besparen.”

Seizoensproduct

Daarvoor moet de boer dan wel Takens inzetten. “Ik ben nog niet helemaal operationeel, dus ik weet nog niet precies wat het allemaal gaat kosten. Het zal een prijs per hectare zijn. Ligt er natuurlijk ook aan hoe groot de akker is.”

De website is in de maak en het handboek ligt bijna klaar. “Of we hiervan kunnen leven, weet ik nog niet. Het is toch wel een seizoensproduct. Vooral in het groeiseizoen is dit erg handig. Maar met een drone kun je nog veel meer, daar heb ik wel vertrouwen in.”

De boerderij is inmiddels verkocht en zelf hebben ze een kavel gekocht, net buiten het dorp. “Compleet wat anders. Ik heb er zin in.”


Frans en zoon Fons Janssen, Alphen. Gaan in bumpers en frames voor tractors

  • Aantal koeien: 42
  • Stopt na:50 jaar
  • Verkochte dieren: 0
  • Naar de slacht: 42

Frans Janssen (64) hielp zijn vader al op de boerderij. Nu, na bijna vijftig jaar melken, stopt hij met de boerderij in Alphen. Vorige week zijn de laatste koeien opgehaald. Naar de slacht, want het aanbod voor de export was te groot. “We konden ze nergens anders kwijt. Moeilijk, maar het kon even niet anders”, zegt Frans Janssen.

Ze waren al wat jaren aan het minderen, want zoon Fons wilde niet door met het melkveebedrijf. Daarom is er in de loop der jaren ook akkerbouw bijgekomen, want dat vond hij wel interessant. De stoppersregeling komt dan ook op een goed moment. “Het geld is er natuurlijk nog niet, maar daarmee kunnen we eventueel wel investeren in het andere bedrijf van mijn zoon.”

Pionier

Zoon Fons doet, naast akkerbouw, nog wat anders. Hij is volgens zijn vader aan het ‘pionieren’ geweest met frontgewichten van trekkers. Fons vertelt zelf: “Ik maak frames om de zichtbaarheid van trekkers te vergroten, door verlichting en markeringen toe te voegen. Dat zit er namelijk niet standaard op.”

Fons weet door zijn werk in de landbouw dat het lastig is om in een auto in te schatten hoe breed een trekker precies is. “Met dit frame bescherm je, bijvoorbeeld tijdens een ongeval, de inzittenden van de auto en de trekker, doordat de wielen niet meteen over de auto gaan. En de trekkers zijn zo ook beter te zien.”

Een verlicht frame plus gewichtsblok kost ongeveer 2000 euro en boeren kunnen een subsidie aanvragen van 500 euro. Inmiddels gaan de frames zelfs de landsgrenzen over. “Uit Zwitserland en zelfs uit Japan komen bestellingen. We hopen er dit jaar ongeveer 200 te verkopen.”

Opgeven is niet niks

Deze fascinatie voor trekkerframes komt niet uit de lucht vallen. Fons vond de koeien van zijn vader nooit zo interessant, hij maakte zijn vak van het ontwikkelen van machines. “Ik baalde er wel van, dat werken met koeien me niet zoveel deed. Ik bedoel mijn opa en vader hebben dat melkveebedrijf helemaal opgezet, dat is niet niks. Gelukkig kan mijn vader mij nu helpen. En we hebben de akkerbouw ook nog.”

Mechanica

Wat vader Frans nu gaat doen? “Ik ga niet op vakantie, dat is niks voor mij. Daar heb ik het zo gezien. Nee, ik help Fons wel in de mechanica, met de afwerking van de producten. Ik ga niet stilzitten.”


Frank Timmerman, Dalfsen. Begonnen met: Het Therapeutische Koebad

  • Hoeveel koeien: 80
  • Stopt boerderij na: 120 jaar
  • Verkochte dieren: 70
  • Naar de slacht: 10

Frank Timmerman is 28 jaar. Samen met zijn ouders heeft hij een boerderij van 120 jaar oud in Dalfsen. De melkveehouderij staat op een groot stuk grond dat wordt gepacht. Nu, met de stoppers-subsidie voor melkveehouders, komt er een einde aan de bedrijvigheid op het erf. “Ik ben er niet heel rouwig meer om. De frustratie is groter dan dat het nog iets oplevert.”

Pachtgrond

Dat betekent niet dat Timmerman geen hart voor de zaak heeft. “Ik wilde graag uitbreiden, maar omdat we op pachtgrond zitten, zaten daar haken en ogen aan. Het nieuwe pachtcontract viel anders uit dan we hoopten. Zo zou ik het asbest van het landgoed op moeten ruimen waar de pachter op dit moment zelf nog verantwoordelijk voor is. Ik heb niet getekend, kon daardoor niet naar de bank en dus ook niet investeren.”

Ondernemer

Van alles heeft hij geprobeerd om de boel bij elkaar te houden, van verplaatsen tot een maatschap aangaan met een collega-melkveehouder, maar het bleek tot nu toe onmogelijk. “De geurwet zit ons ook niet mee, want sommige van de stallen zitten te dicht op woonhuizen. Ik ga niet doen alsof mijn neus bloedt. Ik kan niet dom doorgaan, we moeten ook aan de toekomst denken. Ik ben niet alleen boer, maar ook ondernemer.”

Andere onderneming

Timmerman had al vooruit gedacht. Naast de boerderij was hij al met een andere onderneming bezig. “Ik ben in 2009 begonnen met therapeutische koebaden. Of nou ja begonnen, ik heb het overgenomen van iemand anders in het dorp.”

Therapeutische koebaden? “Ja, dat is een warm aquabad waar we koeien die niet meer kunnen staan, inzetten. Daar moet ze zes uur in staan om te herstellen en daarna moet ze weer zelf kunnen lopen.”

Koeien die last hebben van bijvoorbeeld de melkziekte of spierbeschadiging, kunnen soms niet meer opstaan. Een liggende koe is vaak veel extra werk en kost de boer geld. Daarom krijgen die koeien regelmatig een spuitje, want een liggende koe kan geen melk meer leveren. “Ik kan geen garanties geven of het koebad voor elke koe werkt, maar met goed advies en behandeling kunnen we wel veel koeien redden.”

Vakidioot

Timmerman heeft nog niet genoeg werk om ervan te leven. “Ik doe het nog niet fulltime. Boeren moet je vaak overhalen om dit te proberen. Er zit natuurlijk een prijskaartje aan vast van 215 euro plus voorrijkosten en dan heb je geen honderd procent garantie dat het werkt. Dan moeten veel boeren even nadenken. Maar als de koe weer kan staan, levert het veel op, want een goede melkkoe kost gemiddeld 1500 euro.”

Wat doet hij dan om nu de kost te verdienen? “Ik hou van het ondernemen en ik ben een echte vakidioot. Ik bedenk altijd wel weer wat. Dit jaar boer ik nog even door, vooral in akkerbouw. We verbouwen lelies, uien, bieten en maïs op het moment. Van de zomer ga ik echt bezig met de marketing van de koebaden. We zullen zien wat de toekomst brengt.”